Met een klein groepje fietsen we van Delft naar Rotterdam onder leiding van Arie van Ziel, een ondernemende architect met een passie voor hergebruik. Het enthousiasme waarmee Arie onderweg al vertelt is erg aanstekelijk en ik ben inmiddels benieuwd naar onze bestemming.

 

We komen in Rotterdam aan en fietsen naar een industrieterrein aan de Keilehaven, Arie vertelt dat het industrieterrein een nieuwe bestemming gaat krijgen en dat het de bedoeling is dat het gebied binnen 15 jaar tot woongebied is ontwikkeld. De plek waar we uiteindelijk aankomen is een flinke lap grond welke direct als (grote) moestuin te herkennen valt en omringd is door industriële gebouwen.

 

‘De voedseltuin’, zoals het project heet, is een project waar vrijwilligers groente en fruit verbouwen die wordt geschonken aan ‘De voedselbank’ van Rotterdam. Helaas is het niet zo dat de tuin volledig kan voorzien in de behoefte van ‘De voedselbank’, maar wel een mooi steentje bijdraagt. We lopen het terrein op en direct valt op dat er niet zomaar rijtjes met gewassen staan, maar dat de gewassen (ogenschijnlijk) door elkaar heen staan. Ik zie een rij mais met daaronder pompoenen, een bed bonen afgezet met wortels, speels gevormde perken waar, naar zo lijkt het, symmetrie vermeden wordt. Hier en daar staan tuinzitjes gemaakt van pallet-hout.

 

Arie legt uit dat het principe waarmee hier voedsel verbouwd wordt permacultuur heet. Hierbij worden gewassen bij elkaar gezet die elkaar versterken. Dit kan bijvoorbeeld doordat het ene gewas zorgt voor meer stikstof in de grond, waar een ander gewas weer baat bij heeft, of doordat het ene gewas insecten aantrekt die zorgen voor bestuiving van het andere gewas en zo zijn er nog tal van voorbeelden te noemen.

 

Arie wijst naar het andere einde van de tuin waar we in de verte een groot wit gevaarte zien staan, met een paar grote glimmende panelen op het dak. Hij vertelt dat dit zijn kantoor is, ‘studio Content’ genaamd. Hij reist met zijn kantoor door het hele land en blijft telkens voor een periode van een half jaar of langer op een projectlocatie. In ruil voor zijn verblijf binnen zo’n project geeft hij dan iets terug in de vorm van ondersteuning, advies en daadwerkelijke bouw van veelal duurzame projecten verschillend van omvang.

 

Arie neemt ons eerst mee naar een koepelkas op het terrein, waar hij een van zijn eigen projecten binnen het project ‘De voedseltuin’ laat zien; de rocket stove! De rocket stove staat in een kas die momenteel als een soort van kantine voor de vrijwilligers van ‘De voedseltuin’  wordt gebruikt. In de winter dient de rocket stove als verwarming van de kas/kantine en mogelijk als kooktoestel. De rocket stove heeft een gat in de grond van zo’n 30 bij 30 cm waarin hout wordt gestookt. De warmte komt via een ondergrondse pijp terecht in een oliedrum. In de oliedrum is een schoorsteen gebouwd die zorgt voor de trek en een tweede verbranding van de gassen. Vanuit de oliedrum gaat onder de grond weer een pijp naar een schoorsteen buiten die de verbrande gassen afvoert. De rocket stove hoeft (afhankelijk van de buitentemperatuur) maar een uurtje of twee te branden om voldoende warmte te geven in de kas voor een hele dag of zelfs meerdere dagen.

 

Na het bezoekje aan de kas met de rocket stove wordt het tijd voor een bakje thee, hiervoor neemt Arie ons mee naar zijn kantoor, ‘studio Content’. Dichterbij wordt duidelijk dat het kantoor een grote zeecontainer is, eentje van 40 foot (zo’n 12 meter) vertelt hij. Op het dak staan twee grote zonnecollectoren en een tweetal zonnepanelen. Arie vertelt dat hij het belangrijk vindt om duurzame technieken zelf uit te proberen, door ze in gebruik te nemen. Het betreffen allemaal installaties die door consumenten aangeschaft en gebruikt zouden kunnen worden.  Ook vindt hij het belangrijk dat de technieken zo transparant mogelijk worden aangelegd, met andere woorden, dat duidelijk zichtbaar is hoe de apparatuur is aangesloten en functioneert.

 

Eenmaal binnen aan de thee vertelt Arie over de verschillende systemen in zijn container, zo vangt hij water op het dak van de container dat vervolgens door een waterzuiveringssysteem heen gaat (op basis van omgekeerde osmose) om vervolgens als drinkwater gebruikt te kunnen worden. Het verwarmingssysteem in de container werkt op basis van zonnecollectoren, welke na enkele warmtewisselingen de vloer via een 250 meter lang buizenstelsel verwarmt. Ook is er een tweede warmtesysteem, dat de warmte uit een composthoop haalt en teruggeeft aan het systeem. Een composthoop warmt op tot tussen de 45 en 60 graden tijdens het composteringsproces. Een stelsel van buizen gevuld met water loopt door de composthoop, het water hierin wordt opgewarmd en vervolgens in het verwarmingssysteem middels warmtewisseling als warmte vrijgegeven in de container.

 

Ook is er in de zeecontainer gedacht aan een sanitaire voorziening, in de vorm van een droogtoilet (zaagseltoilet) . Dit toilet vangt de uitwerpselen op, waarna er houtsnippers aan toe worden gevoegd om vervolgens eveneens te gaan composteren. Arie wil in de toekomst uit dit systeem ook gas gaan winnen om op te kunnen koken, om zo de zelfvoorzienende zeecontainer verder te optimaliseren.

 

Na een rondje langs de composthopen van de voedseltuin, met daarbij nog wat achtergronden over het composteringsproces kwamen we aan het einde van de excursie, gevuld met interessante technieken, leuke achtergronden en vol inspiratie. Arie bedankt!